Wie ben ik als student?

Als student zie ik mezelf als iemand die over het algemeen gemotiveerd is. Mijn motivatie kan per periode verschillen, maar wanneer een onderwerp of opdracht mij aanspreekt, ben ik bereid om hier extra tijd en energie in te steken. Ik werk graag aan dingen die ik interessant vind en waarbij ik het gevoel heb dat ik mezelf kan ontwikkelen of iets kan leren dat later van waarde is in het werkveld.

Binnen grote sociale groepen, zoals in de klas, ben ik vaak iets meer op de achtergrond aanwezig.  Dat betekent niet dat ik me afsluit; ik vind sociaal contact juist erg belangrijk en kan met vrijwel iedereen goed overweg. Ik merk dat bij mensen die van zichzelf erg extravert zijn, ik juist wat terughoudender ben. Dit zorgt er ook af en toe wel voor dat ik over mij heen laat lopen. Ik ben mij hier wel bewust van en probeer dan ook wat vaker m'n mond open te trekken. Hoewel het, vergeleken met vorige jaren, al een stuk beter gaat, is dit wel iets waar ik nog aan moet werken. In kleinere groepen of één-op-één contact kom ik vaak makkelijker naar voren.

Sinds de start van mijn opleiding Sportkunde merk ik dat ik veel persoonlijke ontwikkeling heb doorgemaakt. Met name in het eerste jaar, toen alles nog nieuw was, merkte ik dat veel wat we deden uit mijn comfort zone was. Dingen zoals lesgeven, presenteren en samenwerken, waren dingen die ik op de middelbare school nog nauwelijks had gedaan. Hoe spannend ik het ook vond om zo in het diepe gegooid te worden, er ik dat het wel echt heeft geholpen.

Ik ben comfortabeler geworden in het spreken voor groepen en durf mezelf vaker uit te dagen door uit mijn comfort zone te stappen. Waar ik dit in het begin spannend vond, probeer ik deze momenten nu bewust op te zoeken. Deze groei neem ik dagelijks mee, niet alleen tijdens de opleiding maar ook in het dagelijks leven.

Waar krijg ik energie van?

Ik krijg vooral energie van de mensen om mij heen. Samenwerken, onderdeel zijn van een groep en contact hebben met anderen geven mij motivatie en zorgen ervoor dat ik met plezier bezig ben met wat ik doe. Een positieve sfeer en goede onderlinge relaties spelen daarbij een grote rol.

Dit zie ik duidelijk terug in mijn voetbalteam. Ik zit op voetbal natuurlijk omdat ik de sport leuk vind, maar vooral vanwege het teamgevoel. Ik speel in een gezellig en hecht team waarin iedereen zichzelf kan zijn. De trainingen en wedstrijden zijn met name op sociaal gebied momenten waar ik veel energie uithaal. Die energie neem ik ook mee naar mijn studie. Wanneer de sfeer goed is en er prettig wordt samengewerkt, merk ik dat ik gemotiveerder en energieker ben. 

Hoe werk ik het best samen met anderen?

In samenwerkingen heb ik de afgelopen jaren veel geleerd over mijn eigen rol binnen een groep. Waar ik eerder sneller afwachtend was, heb ik geleerd om meer initiatief te nemen en vaker op de voorgrond te treden. Dit was al een leerdoel in leerjaar 1 en ik merk dat ik hierin duidelijke stappen heb gezet. Ik durf mijn ideeën beter te delen en neem sneller verantwoordelijkheid wanneer dat nodig is.

Voor mij werkt samenwerken het best wanneer de taken duidelijk verdeeld zijn en iedereen weet wat zijn of haar verantwoordelijkheid is. Structuur en overzicht zorgen ervoor dat ik prettig kan werken en mijn bijdrage goed kan leveren. Daarnaast vind ik goede communicatie essentieel. Elkaar op de hoogte houden, openstaan voor feedback en elkaar helpen waar dat nodig is, zorgen voor een fijne samenwerking.

Ik werk het prettigst in een omgeving waarin mensen betrokken zijn en bereid zijn om samen tot een goed resultaat te komen. Wanneer iedereen zijn taak serieus neemt, maar er ook ruimte is voor overleg en ondersteuning, voel ik mij op mijn gemak en kan ik het beste functioneren binnen een groep.

Wat is mijn visie op 'aangepast sporten'?

Mijn visie op aangepast sporten is vooral ontstaan door mijn ervaringen bij Happy2Move, waar ik heb gewerkt met kinderen met een beperking. Daar heb ik gemerkt hoe belangrijk het is om sport aan te passen aan het kind, in plaats van andersom. Aangepast sporten betekent voor mij dat iedereen mee kan doen, op zijn of haar eigen niveau en op een manier die past bij wat iemand kan.

Tijdens mijn stage bij Happy2Move heb ik gezien hoeveel plezier kinderen kunnen halen uit bewegen wanneer oefeningen goed aansluiten bij hun mogelijkheden. In de gymzaal kwamen veel kinderen echt tot leven. Ook kinderen die normaal wat stiller of teruggetrokkener waren, deden enthousiast mee en lieten meer van zichzelf zien. Je merkte dat sport voor hen een belangrijk moment was om zich vrij te voelen en actief bezig te zijn.

Naast deze stage heb ik dit jaar ook lesgegeven aan kleuters en aan ouderen. Deze ervaringen hebben mij nog bewuster gemaakt van hoe groot de verschillen in niveaus en deelname kunnen zijn. Bij kleuters zit dit vooral in de ontwikkeling, het ene kind doet volop mee terwijl een ander nog zoekende is of minder durft. Daar moet je als begeleider goed op inspelen door oefeningen aan te passen en ruimte te geven aan verschillende manieren van meedoen.

Bij ouderen ligt de uitdaging vooral in de fysieke belastbaarheid. De één is fysiek fitter dan de ander en sommigen hebben te maken met klachten of zijn bijvoorbeeld afhankelijk van een rolstoel of kunnen niet lang staan. Dit vraagt om goed anticiperen op verschillende niveaus, wensen en mogelijkheden, zodat iedereen veilig en met plezier kan deelnemen.

Wat ik mooi vind aan aangepast sporten is dat je als begeleider echt moet kijken naar ieder individu. Het vraagt om flexibiliteit, creativiteit en het vermogen om snel te schakelen. Geen les is hetzelfde en dat maakt het werk afwisselend en uitdagend. Ik vind het belangrijk dat sport niet voelt als iets wat moet, maar als iets waar mensen met plezier naartoe gaan.

Voor mij draait aangepast sporten niet alleen om het fysieke gedeelte, maar ook om het mentale. Sport kan zorgen voor plezier, afleiding en ontspanning. Het geeft mensen een moment waarop ze gewoon kunnen bewegen, zonder bezig te zijn met wat niet lukt. Juist dat vind ik de kracht van aangepast sporten.